6. Leer den jongen de eerste beginselen naar den eis zijns wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken.
2. En hij zeide: Ik riep uit mijn benauwdheid tot den HEERE, en Hij antwoordde mij; uit den buik des grafs schreide ik, en Gij hoordet mijn stem. 3. Want…
11. Want de zaligmakende genade Gods is verschenen aan alle mensen, 12. En onderwijst ons dat wij de goddeloosheid en de wereldse begeerlijkheden verzakende, matiglijk en rechtvaardiglijk en godzaliglijk leven…
21. Doch de HEERE was met Jozef en wendde Zijn goedertierenheid tot hem, en gaf hem genade in de ogen van den overste van het gevangenhuis.
2. En ik zag, en zie, een wit paard, en Die daarop zat, had een boog; en Hem is een kroon gegeven, en Hij ging uit overwinnende, en opdat Hij…
20. Toen begon Hij de steden in dewelke Zijn krachten meest geschied waren, te verwijten, omdat zij zich niet bekeerd hadden: 21. Wee u, Chórazin, wee u, Bethsáïda. Want zo…
19. Samuël nu werd groot; en de HEERE was met hem en liet niet één van al Zijn woorden op de aarde vallen.
6. En te middernacht geschiedde een geroep: Zie, de bruidegom komt, gaat uit, hem tegemoet.






